I sit in the church of life
Net twee euro tip gegeven aan een ober in Starbucks en hem gezegd: 'je bent een gentleman, merci, je maakt de wereld mooier'. Impressive. En schoon, how genuine he played.
Eerst met mij, dan met een mevrouw met twee kindjes. Hij vraagt in het Frans en met een zachte glimlach en een hand op z'n hart wat de kindjes willen. De jongen kijkt op met donkerbruine ogen en fluistert zacht: 'aardbeienmilkshake'. De ober switched met een mooi gekleurd accent naar Nederlands en vraagt: 'en voor mevrouw?' Het meisje komt amper boven de toog uit, kijkt lachend omhoog: 'ook aardbeien'.
Da's fatsoen. Da's mensen zien. En zich gezien voelen.
Die twee euro heb ik gegeven, ook met een hand op m'n hart. En met een lichte buiging van mijn hoofd.
Er is zo veel schoonheid hier. Zoveel leven. Het is een van de meest zinnelijke en diepe ervaringen die ik ken. Iedereen passeert hier. Alle Misters & Ladies van deze wereld. Groot en klein. Zoveel esthetisch genot dat het ethisch prikkelt.
Ik sip nog wat van m'n ijsgekoelde koffie in deze mastodonte kathedraal van het leven in Brussel-Noord waar ooit de eerste trein reed op het vaste continent dat Europa heet. Bijna 200 jaar later spoor ik voor net geen 7 EUR in alle koelte en met stroom uit een universele prise over een ijzeren weg naar Kiewit. Het leven is te zinnelijk voor woorden.
Ik zit en ik hoor Ben Harper zingen over ons, over de Misters. De soundtrack van dit mensgemaakte en godgekregen landschap waar overal mens zit. Ik staar door het raam van de trein en zie opnieuw de ober van Starbucks. Een jonge man die het spel speelt dat hem opgelegd wordt, met de glimlach en met meer liefde dan er eigenlijk gevraagd wordt. Voor het spel. Om terug te nemen wat van hem is: plezier.
Ik kijk naar buiten en ik hoor de woorden van Mr Trump, een van de Misters waar Harper over zingt. De Mister die zegt: 'Iran's civilisation will die'. Woorden waaraan alle zinnelijkheid is onttrokken zodat het klinkt als een goddelijk oordeel.
Ik kijk naar buiten en ik denk: we spelen allemaal ooit soms god. We all put ourselves to shame. None of us are free if one of us is chained. My gospels, my blues, they all sing to me: het fatsoen is de ander.